Je zit in een vergadering en het onderwerp komt op tafel. Maar nog voordat de discussie begint, zegt een collega: “Ik heb het alvast even met Jacques besproken, dan kunnen we wat meters maken.” En dan voel je het. Wanneer hebben die twee dat afgestemd? Waarom werd jij daar niet bij betrokken? En hoe kan het dat het besluit eigenlijk al genomen lijkt te zijn voordat de vergadering begonnen is?
Voor veel professionals is dat een herkenbaar en ongemakkelijk moment. Niet omdat er iets fout gaat, maar omdat er iets gebeurt dat je niet kunt zien. Informele netwerken bepalen in elke organisatie mee wie gehoord wordt en hoe besluiten tot stand komen. Toch wordt er zelden over gesproken. In deze blog neemt trainer Esther Blenk je mee in hoe je je bewuster kunt bewegen in die onzichtbare structuren, zonder jezelf te verliezen.
Laten we even stilstaan bij informele netwerken
In elke organisatie bestaan naast de formele overleggen en besluitvormingsstructuren ook informele communicatiestromen. Een lunchwandeling met een collega of een koffiemoment waarin iemand een dilemma deelt. Het zijn momenten waarop ideeën ontstaan en vertrouwen wordt opgebouwd.
Die informele laag is niet iets wat je kunt negeren of buitensluiten. Ze is er altijd, in elk team en in elke organisatie. En ze bepaalt vaak meer dan je denkt: wie er invloed heeft en hoe besluiten echt tot stand komen. Juist nu thema’s als inclusie en transparantie hoog op de agenda staan, is het waardevol om bewust te kijken naar hoe die onzichtbare structuren werken.
De uitdaging van informele netwerken begrijpen
Waarom vinden zoveel professionals het lastig om hun plek te vinden in informele netwerken? Esther ziet het regelmatig terug in haar trainingen: het heeft te maken met een combinatie van ongeschreven regels en persoonlijke onzekerheid.
Elke organisatie heeft een eigen cultuur rondom informeel contact. In sommige teams is het vanzelfsprekend om na werktijd even samen te zitten. In andere organisaties gelden hele andere codes. Worden beslissingen genomen op basis van deskundigheid, of op basis van wie het langst meeloopt? Als je die cultuur niet herkent, word je snel overvallen door wat er buiten de formele momenten al is afgesproken.
Daar komt bij dat informeel netwerken voor veel mensen voelt als iets dat niet bij hen past. Esther benoemt dat eerlijk: “Ik had van huis uit een hekel meegekregen aan netwerken en borrels.” Dat gevoel herkennen veel professionals. En ze willen zich niet anders voordoen dan ze zijn. Maar het gevolg is dat ze de informele opties vermijden en daardoor kansen missen om echt verbinding te maken.
Wat gebeurt er als je informele netwerken negeert?
Als je de informele stromen in je organisatie links laat liggen, heeft dat gevolgen die verder reiken dan je misschien denkt. Je mist signalen over wat er speelt in het team en je hoort pas laat over besluiten die al in de maak zijn. Bovendien landen je ideeën minder goed omdat je niet de context hebt van wat er buiten de vergadering leeft.
Het praktijkvoorbeeld dat Esther uit haar training deelt is daarin veelzeggend: een leidinggevende die alleen aanwezig was in formele momenten en het dan eigenlijk alleen over de inhoud had. Op een gegeven moment ging het niet goed op zijn afdeling, maar hij wist niet waarom. Omdat hij de informele laag miste, had hij geen zicht op de onderstroom.
Dat patroon leidt tot isolement en verminderde invloed. Niet alleen bij jezelf, maar ook bij je team. Mensen willen gezien worden, ook buiten de vergaderruimte. Als dat niet gebeurt, daalt de betrokkenheid en ontstaan er onderhuidse spanningen die je in de formele overleggen niet meer kunt oplossen.
Drie strategieën om effectief te bewegen in informele netwerken
Effectief bewegen in informele netwerken is geen kwestie van trucjes of slim schakelen. Het gaat om oprechte interesse in de mensen om je heen en de bereidheid om jezelf ook te laten zien. De volgende drie strategieën helpen je om daar concrete stappen in te zetten.
Tip 1: Luister met echte aandacht
Het klinkt eenvoudig, maar echt luisteren is iets anders dan beleefd knikken terwijl je al nadenkt over je eigen punt. Informeel netwerken begint bij nieuwsgierigheid naar wat de ander bezighoudt. Esther beschrijft het zo: het gaat erom dat je leert wat de beweegredenen en motivatie van mensen is. Wat houdt iemand bezig en waar liggen de zorgen?
Die gesprekken hoeven niet groot of gepland te zijn. Een lunch of een wandeling, even samen koffiedrinken. Het gaat om de bereidheid om buiten de formele momenten écht contact te maken. Esther benadrukt dat daar twee voordelen in zitten: “Je leert iemand anders en beter kennen. En als jij meer daarin investeert, is de kans dat mensen ook meer naar jou toe komen.”
Dat vraagt om aanwezig zijn zonder agenda. Niet luisteren om iets gedaan te krijgen, maar luisteren om te begrijpen. Vanuit die basis groeit vertrouwen, en vertrouwen is de valuta van elk informeel netwerk.
Tip 2: Deel je eigen verhaal, zonder maskers
Informeel netwerken is geen eenrichtingsverkeer. Naast luisteren vraagt het ook om jezelf te laten zien. Esther is daar stellig over: wees transparant over je drijfveren en over wat je lastig vindt.
Dat kan er heel praktisch uitzien. Je deelt in een informeel gesprek waar je tegenaan loopt in een project. Of je bent eerlijk over het feit dat je de machtsverhoudingen in je team niet helemaal doorgrond. Die openheid nodigt de ander uit om hetzelfde te doen. En juist in die wederkerigheid ontstaat echte verbinding.
Het gaat daarbij om congruentie: dat wat je zegt en wat je voelt op één lijn liggen. Mensen voelen het verschil tussen iemand die strategisch informatie deelt en iemand die oprecht laat zien waar hij of zij mee worstelt. Die tweede variant is spannender, maar levert veel meer op.
Tip 3: Observeer de ongeschreven regels
Elke organisatie heeft ongeschreven regels over hoe informeel contact werkt. Sommige daarvan herken je meteen, andere ontdek je pas als je ertegen aanloopt. Esther moedigt aan om jezelf een paar eerlijke vragen te stellen.
Waar worden in jouw organisatie de beslissingen echt genomen, in de vergadering of daarbuiten? En wie heeft veel invloed, ook zonder de formele strepen?
Door dat soort patronen te observeren, krijg je grip op hoe de informele laag in jouw organisatie werkt. Niet om je eraan aan te passen, maar om er bewust mee om te gaan. Zodat je trouw kunt blijven aan je eigen manier van werken en tegelijkertijd begrijpt welke dynamiek er speelt.
Praktijkvoorbeeld: van inhoud naar verbinding
Esther vertelt over een leidinggevende die werkte bij een organisatie die sterk afhankelijk was van wetgeving. De inhoud moest kloppen, daar hing veel vanaf. En dus ging vrijwel elk gesprek dat hij voerde met zijn team over de inhoud. Formele overleggen en inhoudelijke afstemming, altijd gericht op de voortgang.
Wat hem niet opviel, was dat hij buiten die formele momenten nauwelijks contact had met zijn team. Hij was er van acht tot vijf, deed zijn werk en ging weer naar huis. Op een gegeven moment merkte hij dat het niet goed ging in het team, maar hij begreep niet waarom. De onderstroom was hem volledig ontgaan.
In de training leerde hij dat de balans tussen inhoud en relatie beide aandacht nodig heeft. Hij begon andere vragen te stellen: “Wat zie jij in het team? Waar zijn we sterk in en wat vinden jullie lastig? Wat speelt er, wat ik misschien niet zie?”
Daarnaast ging hij vaker met teamleden lunchen en wandelen. Borrels waren niets voor hem, maar dit wel. Het was een vorm van informeel contact die bij hem paste. Het effect was groot. Er kwam meer openheid, meer gezamenlijkheid. En hij ontdekte dat zijn meerwaarde niet alleen zat in het doorgeven van deskundigheid, maar ook in het feit dat hij door die informele gesprekken veel beter begreep wat zijn team nodig had.
Wanneer is extra ondersteuning nodig?
Soms herken je het patroon, maar lukt het niet om het te doorbreken. Je weet dat je meer informeel contact zou willen maken, maar iets houdt je tegen. Misschien is het onzekerheid over hoe je dat doet zonder je geforceerd te voelen. Of misschien zit er een diepere overtuiging onder over wat netwerken betekent en of dat bij jou past.
Als je merkt dat je je regelmatig buitengesloten voelt of dat je invloed achterblijft bij wat je zou willen, kan het helpen om daar niet alleen mee te blijven zitten.
In de KIM van vanHarte&Lingsma werk je intensief aan de manier waarop je je beweegt in relaties, in je team en in je organisatie. Je oefent met nieuw gedrag in een veilige omgeving en krijgt zicht op de patronen die je tot nu toe onbewust hebt gevolgd. In de training Leider in jou ga je dieper in op jouw persoonlijk leiderschap.
Samen groeien in verbinding
Informele netwerken zijn geen bijzaak. Ze vormen het weefsel van elke organisatie en bepalen mee hoe samenwerking en vertrouwen tot stand komen. Je hoeft daar niet strategisch in te opereren. Je hoeft niet op elke borrel aanwezig te zijn of met iedereen een band op te bouwen.
Wat wel helpt, is nieuwsgierig zijn naar de mensen om je heen. Luisteren zonder agenda en laten zien wie je bent, ook als dat spannend voelt. En de moed hebben om te observeren welke ongeschreven regels er spelen, zonder jezelf daarin te verliezen.
Esther vat het kernachtig samen: “Zie het niet als iets wat je moet doen. Zie het als een gewone, normale stroom. Buiten de formele vergaderingen ook gewoon met elkaar lunchen of even iemand opzoeken rondom een dilemma.”
Hoe geef jij op dit moment vorm aan verbinding in jouw organisatie? En wat zou er veranderen
als je daar morgen één klein ding anders in doet?
Inzichten
- Informele netwerken zijn een gegeven in elke organisatie. Ze negeren werkt niet, ze begrijpen wel.
- Echt luisteren buiten de formele momenten bouwt vertrouwen op dat je in geen vergadering kunt creëren.
- Openheid over je eigen drijfveren en twijfels nodigt anderen uit om hetzelfde te doen
- Ongeschreven regels kun je leren herkennen als je jezelf de juiste vragen durft te stellen.
- Informeel contact hoeft niet te betekenen dat je van borrels en activiteiten met collega’s na werk moet houden. Het gaat om oprechte interesse op een manier die bij jou past.
Het begint bij jou
Om hier niet alleen over te lezen, maar het ook naar jezelf toe te trekken, helpt het om even stil te staan bij deze vragen:
- Wanneer voelde jij je voor het laatst echt onderdeel van een informeel netwerk? Wat maakte dat moment anders?
- Welke overtuigingen heb je over informeel netwerken? Helpen die je, of houden ze je tegen?
- Wat zou er veranderen als je deze week één collega opzoekt voor een gesprek zonder agenda?
Een kleine oefening
Neem de komende week bewust waar welke informele interacties er plaatsvinden in je team of organisatie. Let op wie met wie praat buiten de vergaderingen om, waar gesprekken ontstaan en welke onderwerpen daarin naar boven komen.
Schrijf aan het eind van elke dag kort op wat je hebt opgemerkt. Wat viel je op? Waar was jij zelf bij betrokken en waar niet? Na een week bekijk je je aantekeningen. Welke patronen herken je? En waar zou je de volgende week zelf een stap kunnen zetten?
