De cijfers kloppen en het plan ziet er goed uit. Iedereen knikt instemmend. En toch is er iets wat niet lekker voelt. Je kunt het niet benoemen, laat staan onderbouwen. Dus zeg je niets. Twee maanden later blijkt dat dat gevoel precies klopte. Het project loopt vast op precies dat punt waar jij twijfels voelde. Je baalt dat je destijds je mond had gehouden.
Dat is geen toeval. In veel organisaties voert het rationele de boventoon. Data en rationele onderbouwing bepalen wat serieus genomen wordt. Dat is waardevol, maar het is niet de enige bron van wijsheid die je als mens tot je beschikking hebt.
In deze blog neemt trainer Esther Blenk je mee in waarom intuïtie meer aandacht verdient op de werkvloer en welke stappen je kunt zetten om intuïtie meer ruimte te geven in je leiderschap.
Laten we even stilstaan bij ruimte geven aan intuïtie
Wij gebruiken het hoofd als belangrijkste kennisbron. Esther: “Dat komt vanuit de periode van de Verlichting. Waarna we als samenleving steeds minder aandacht zijn gaan besteden aan fysieke signalen en emotionele signalen.” En als we onder stress komen, zijn we geneigd in patronen te denken. Het reptielenbrein gaat dan rationeel proberen dingen op te lossen, maar onder stress werkt dat vaak niet.
Juist door te vertragen en te ervaren wat er gebeurt en wat je voelt, krijg je belangrijke signalen. Als je bijvoorbeeld spanning op je borst voelt of je schouders omhoog gaan, is dat een signaal om even afstand te nemen en op de rem te drukken. In die signalen zit vaak waardevolle informatie.
In een tijd van data en AI is dat extra relevant. Esther: “Data en logica, super waardevol. En dan nog kun je een onderbuikgevoel hebben dat het niet gaat vliegen.” Dat gevoel verdient minstens zoveel aandacht als de spreadsheet.
Waarom is het zo lastig om ruimte te maken voor intuïtie?
De meest gehoorde reden: ik heb er geen bewijs voor. Je voelt iets, maar je kunt het niet hard maken. En in een cultuur die draait op argumenten en data, voelt dat kwetsbaar. Esther: “Mensen stoppen het vaak weg of doen het af als niet relevant als ze het niet kunnen onderbouwen.”
Wat gebeurt er als je intuïtie geen ruimte geeft?
Esther: “We gaan vaak voorbij aan menselijke maat en aan eerdere ervaringen. Aan aspecten van de situatie waar we geen aandacht aan besteden omdat we het alleen maar rationeel bekijken.” Op de lange termijn leidt dat tot beslissingen die niet werken of waar mensen niet achter staan, vaak zonder dat iemand precies kan benoemen waarom.
Drie strategieën om ruimte te geven aan intuïtie
Intuïtie is een vaardigheid die je kunt trainen. Esther deelt drie strategieën hiervoor.
Tip 1: Vertragen en bewust waarnemen
Je kunt leren om signalen te herkennen. Esther werkt in haar trainingen met de drie-minuten ademruimte: een korte oefening waarin je o.a. onderzoekt wat je bezighoudt, welke emoties je hebten hoe het met je ademhaling staat. Zit die bijvoorbeeld hoog, dan is dat een signaal. Door dat regelmatig te doen, leer je je eigen signalen herkennen. En kun je ze ook in een vergadering opmerken en inbrengen.
Esther: “Meditatie betekent in het Tibetaans jezelf leren kennen. Leer jezelf kennen in je eigen signalen door te vertragen en bewust waar te nemen wat je voelt.”
Tip 2: Creëer ruimte voor stilte en reflectie
Intuïtieve inzichten komen zelden als je in volle vaart doorstoomt. Ze hebben ruimte en stilte nodig om te rijpen. Esther: “Mijn leidinggevende zei een keer: Esther, we stoppen. Dit gaat zijn eigen proces vinden.” Niet elk besluit hoeft in déze vergadering te vallen.”
Die ruimte kun je zelf ook creëren. Geef bijvoorbeeld collega’s bij een brainstorm twee minuten stilte om zelf na te denken. Of laat iedereen op een post-it eerst opschrijven wat er in diegene opkomt voordat de groep in gesprek gaat. En als je gaat brainstormen, brainstorm dan ook echt: zeg niet nee-maar, maar ja-en. Zo laat je de creatieve en intuïtieve kant stromen.
Tip 3: Maak intuïtie bespreekbaar
Je hoeft het woord intuïtie niet te gebruiken. Het begint ermee dat je als leidinggevende het goede voorbeeld geeft. Neem je eigen signalen serieus, en stel vervolgens vragen aan het team. Stel bijvoorbeeld vragen als “welke optie voelt licht en welke optie voelt zwaar?”.
Praktijkvoorbeeld: wanneer je onderbuikgevoel de doorbraak brengt
Esther vertelt over een leidinggevende die regelmatig bilaterale gesprekken voerde met een medewerker. Hij had er een mooi format voor. De medewerker beantwoordde alles keurig. Op papier was er niets aan de hand.
Maar de leidinggevende voelde dat het niet klopte. In een training besprak hij dat met een acteur, het advies wat daaruit kwam is gewoon te zeggen wat hij voelde. De leidinggevende vond dat spannend, maar deed het toch. Bij de volgende bila zei hij tegen de medewerker: “Het lijkt ogenschijnlijk allemaal goed te gaan, maar er blijft bij mij iets sluimeren waarvan ik denk: gaat het wel echt goed?”
De medewerker was nog geen jaar in dienst. Ze vertelde dat het thuis pittig was, dat ze mantelzorger is, maar op kantoor wilde laten zien dat ze alles onder controle had. Doordat de leidinggevende benoemde wat hij voelde, ontstond er een opening. De medewerker voelde zich gezien, en de leidinggevende kon het gesprek voeren dat er echt toe deed.
Wanneer is extra ondersteuning nodig?
Soms voel je wat er speelt, maar durf je er geen stem aan te geven. Als je merkt dat je achteraf steeds denkt: ik had het kunnen zien, dan kan het helpen om daar met begeleiding naar te kijken.
In de training Authentiek en persoonlijk in je kracht werk je aan het herkennen en uitspreken van wat er in je leeft. Niet alleen je gedachten, maar ook je gevoelens en je lichaamssignalen.
De waarde van luisteren naar je intuïtie
Intuïtie is geen tegenpool van ratio, het is een aanvulling. Esther: “Het geheel aan denken en voelen, dat maakt ons uniek. En wat mij betreft ook effectiever.”
Dat betekent niet dat je elke beslissing op je onderbuikgevoel baseert. Het betekent dat je leert luisteren naar wat er naast de feiten en ratio aanwezig is. Dat je de moed hebt om het te benoemen, ook als je het nog niet kunt onderbouwen.
Inzichten
- Je hoofd is niet je enige bron van wijsheid. Fysieke en emotionele signalen bevatten waardevolle informatie die je rationeel niet vangt.
- Onder stress zijn we geneigd in patronen te denken en rationeel te proberen dingen op te lossen, terwijl juist dan vertragen en voelen effectiever is.
- De drie-minuten ademruimte is een eenvoudige oefening om je eigen signalen te leren herkennen en serieus te nemen.
- Stilte en reflectie zijn geen luxe. Door niet elk besluit af te dwingen, geef je ruimte aan inzichten die anders verloren gaan.
- Als leidinggevende maak je intuïtie bespreekbaar door het zelf voor te doen. Een vraag als “wat zegt je gevoel hierover?” opent het gesprek.
Het begint bij jou
Om hier niet alleen over te lezen, maar het ook naar jezelf toe te trekken, helpt het om even stil te staan bij deze vragen:
- Wanneer heb je voor het laatst een onderbuikgevoel gehad over een situatie op je werk? Heb je er iets mee gedaan, of heb je het weggestopt?
- Hoe reageer je als iemand in je team iets benoemt dat niet op data is gebaseerd? Geef je daar ruimte voor?
- Welke fysieke signalen herken je bij jezelf als er iets niet klopt? En welke als iets juist goed voelt?
Een kleine oefening
Probeer deze week voor één vergadering de drie-minuten ademruimte. Ga even zitten en onderzoek wat je bezighoudt en hoe je ademhaling voelt. Merk op of die hoog zit en waar je spanning voelt in je lichaam.
Neem dat bewustzijn mee de vergadering in. En merk op wanneer er iets verschuift: onrust, of juist enthousiasme. Noteer het na afloop. Niet om er meteen iets mee te doen, maar om te oefenen met het opmerken.
De volgende stap is om het een keer uit te spreken. Niet als conclusie, maar als vraag. Ik merk dat ik hier een zorg bij heb. Herkennen jullie dat? Dat ene zinnetje kan een gesprek openen dat anders niet was gevoerd.
